Zie de maan schijnt...

(Vrijheidskwartier vervolg - roman...)

Fatima kijkt uit het raam in de richting van Klein-Mekka. De zon moet inmiddels onder zijn. Aan het einde van de straat; komt de volle maan op in een zachte vage oranje gloed. Vlak boven de daken is de lucht pastelblauw; hoger hangen violette wolkenbanden. Daar boven lopen oranje strepen - van verkeersvliegtuigen - door de groen blauwe lucht. Nog hoger is de lucht donkerblauw. Een eerste ster prikt door het firmament. Naast de maan staan de twee minaretten van de moskee; het silhouet wordt weer verstoord door hoge kantoorflats daarnaast.

‘Mooi hè,’ zegt Ansje die naast haar staat.

‘Ja meisje; zo'n mooie avondlucht heb je zelden,’ zegt Fatima.

‘Kijk daar komt een ster,’ zegt Ansje.

‘Waarschijnlijk een planeet. Het zou wel eens Jupiter kunnen zijn,’ denkt Fatima maar ze besluit de sfeer niet te verstoren met informatie en zegt: ‘Ja Ansje, straks komen er nog meer. Het wordt nu snel donker.’

De maan klimt ondertussen en schuift achter het takkenwerk van een grote boom.

‘Fatima kom jij bij ons Sinterklaas vieren?’ vraagt Ansje.

‘Ik heb vanavond yoga,’ plaagt Fatima Ansje. De afspraak is al een maand geleden gemaakt maar dat weet Ansje niet.

‘Sinterklaas is vanmorgen bij ons op school geweest en hij heeft belooft, dat hij vanavond bij ons op visite komt. Kun je niet een keertje yoga overslaan? Hè, toe nou Fatima!’

Ansje begint te zingen. ‘Zie de maan schijn door de bomen...’ Beneden in de straat gaan de straatlantarens aan. In de verte loeit een politie sirene. De geluiden van de grote stad. Hoewel ‘het Vrijheidskwartier’ een oase van rust is vergeleken met de buitenwereld, kun je die niet geheel buitensluiten.

Fatima woont hier nu alweer zo ongeveer vier weken. Het went snel en voelt nu al zo gewoon. Ze heeft geweldige buren. Aan de andere kant mist ze haar familie. Ze vraagt zich af of dit ooit goed zal komen. Ze vecht tegen de opkomende somberheid en schudt die gedachte van zich af. De maan staat nu geheel achter het netwerk van takken. Beneden komen mannen thuis van hun werk. Daar zal geen ‘Sinterklaas’ worden gevierd. Of misschien in een enkel huisgezin? De hoeken aan de onderrand van de ruit beslaan. Het wordt nu echt koud buiten. Fatima kijkt naar de glitterslinger, die ze zojuist in het blonde haar van Ansje heeft gevlochten. Lametta in het haar is in de mode de laatste tijd. In de verte slaat de torenklok half zes.

Ansje streelt de bilhuid van Fatima om aandacht te vragen en zegt gelijktijdig: ‘Mijn mamma heeft snert met halal vlees gemaakt. Speciaal voor jou Fatima. Ik mocht met mamma mee naar de Slager in Klein-Mekka... Ene, ik heb met Zwarte Piet in het zwembad gezwommen. Hij spoelde niet schoon; het was een echte zwarte piet. De grote jongens zeggen, dat Sinterklaas niet bestaat. Ze jokken om mij te pesten!’ zo springt Ansje van de hak op de tak.

Fatima legt een hand op de schouder van Ansje en zegt: ‘Die grote jongens zijn niet goedwijs. Kom meisje dan moet ik even yoga afbellen.’

Jippie ... jippie,’ juicht Ansje.

Fatima pakt de telefoon. De stem aan de andere kant zit in het complot. Je moet het spel goed spelen nietwaar...

Een boom vol lichtjes

De kerstboom staat al klaar. Het is een kunstboom dus verliest hij in elk geval geen naalden. Samen met Ansje - de jongste dochter van Marianne en Cees Bosch - pakt ze de kerstballen uit. Een deel is nieuw en de rest heeft Fatima op de rommelmarkt gekocht. Wat er in die doos met tweedehands kerstspul zit is echt een verrassing. Ondertussen babbelen ze.

Het papier ritselt onder haar handjes als Ansje zegt: ‘Jij danst op tv; ik heb het zelf gezien. Ik heb foto's van jouw op mijn kamer hangen. Ik mag opblijven van mama als er ballet op tv is.’

‘Ja Ansje, maar ik dans het meest op het toneel,‘ antwoordt Sandra. Omdat ze met een kind praat gaat haar stem automatisch wat omhoog.

‘Dat is een mooie kerstbal... Ik heb ballet op school,’ babbelt Ansje verder.

Sandra kijkt haar aan en vraagt: ‘Vindt je dat leuk?’ Ze ontdoet weer een bal van het beschermend papier.

‘De blote school is heeel ... heel, heel, heel leuk. Juf Mieke is erg lief. Op mijn eerste school was geen dans. Daar hadden we alleen gym,’ babbelt weer Ansje verder. Ondertussen liggen er steeds meer ballen in omgekeerde deksels op tafel.

Sandra legt nog een bal in het deksel. Het is een bal met een deuk in de vorm van een ster. Dan kijkt ze Ansje weer aan en vraagt: ‘Heb je nog vriendinnetjes van je oude school?’

‘Ja hoor; Debby komt hier vaak zwemmen,’ zegt Ansje. Ze pakt nu voorzichtig een doosje met kleine oude kerstballen uit: ‘Kijk Sandra een vogeltje; mooi hè!’

‘Die is heel oud. Kijk maar er zit echt kaarsvet op!’ zegt Sandra: ‘En op je verjaardag?’

‘Tuurlijk; dan komen ze allemaal!’ klinkt Ansje zeer overtuigend.

De ballen nu zijn uitgepakt; vervolgens brengt Sandra de lichtjes aan en Ansje houdt de sliert vast. Het is even een worsteling, maar het werkje vordert gestaag. Als de stekker in het stopcontact gaat voor de test begint het al te schemeren; gekleurde lichtjes; ze stralen.

Het belmuziekje klinkt. Sandra doet open. Even later komen Aisja en Daniëlle stommelend binnen...

‘Jullie zijn vlug zeg; de boom brand al,’ zegt Aisja.

‘Ja, mooi hé!’ zegt Ansje: ‘‘Jij hebt een mooie buik Daniëlle; schopt het baby'tje al?’

‘Kleine wijsneus,’ denkt Daniëlle, maar dat spreekt ze niet uit; ze zegt ‘Gelukkig duurt nog dat nog even meisje,’ antwoordt ze lachend en ze veegt een haarlok achter haar rug.

‘Waar is Fatima?’ vraagt Aisja.

‘Die zit in een vergadering op het kantoor van Dick. Het is met de burgemeester en wijkraad of zoiets. Als je overal in zit kun je wel vrij hebben maar...’ antwoordt Sandra.

‘Mijn mama is daar ook,’ voegt Ansje er aan toe.

Wederom gaat het muziekje van de bel; getommel op de trap. Het is de broer van Ansje, Coen - die in skitenue - de kamer komt binnen stuiven. Hij is de tijd vergeten: ‘Ben ik nog op tijd?’

‘Kalm aan Coen we hebben alleen nog maar de lichtjes aangebracht,’ zegt Sandra op rustig toon.

“In de tuin van ‘Sauna Royaal’ hebben we een echte iglo gebouwd,” zegt Coen enthousiast terwijl hij zich midden in de kamer uitkleedt; ondertussen volgt het hele verhaal. Al spoedig liggen de kledingstukken her-en-der door de kamer.

Sandra laat hem maar even uitpraten, maar dan zegt ze met een boze toneelstem: ‘Coen dat doen we hier niet zo. Ruim die kleren op!’ het klonk wel echt boos. Ze lacht inwendig om zichzelf; kost haar zelfs moeite om dat lachen in te houden.

Gelukkig begrijpt Coen heel goed wat de bedoeling is: ‘Ja Sandra,’ hij brengt zijn kleren in een aantal fasen naar de gangkast.

Het is buiten inmiddels geheel donker geworden; toch moet de boom weer even uit. De boom wordt getooid met ballen en slingers, er zitten veel bijzondere vormen bij. Sommige zijn nog uit grootmoeders tijd. Er hangt zelfs een iglo in de boom. Op de top schittert een naakte engel. Het is een vrouwelijke engel. Haar huid is van doorschijnend, blauwig glas. Ze speelt op een zilveren trompet. Vervolgens gaan de lichtjes weer aan en het grote licht dus weer uit.

‘De boom is heel mooi,’ zegt Ansje.

‘Ja, de boom ziet er goed uit,’ bevestigd Sandra.

Ze ruimen weer op. De papiertjes gaan in de kleine doosjes en die op hun beurt weer in grotere doosjes. Dan gaat alles in de grote dozen die weer naar het rommelkamertje gaan.

Sandra schuift het gordijn opzij en rekt zich wat uit aan de bar. Ansje komt er gelijk bij. Op de lagere bar doet Ansje Sandra na. De anderen zijn naar de keuken gegaan.

‘Heb jij thuis ook zo'n bar,’ vraagt Ansje aan Sandra.

‘Misschien is het een goed idee voor thuis,’ denkt Sandra: ‘Nee, normaal ga ik bijna iedere dag naar de studio om te oefenen.’ ze plaatst haar andere voet op de hoogste bar.

Dus plaatst Ansje haar voetje op de lage bar: ‘Wij doen de sluierdans op het feest voor Fatima,’ zo babbelt Ansje verder.

Het muziekje van de bel klinkt.

Sandra brengt een wijsvinger voor haar mond: ‘Sssst Ansje, je weet niet wanneer Fatima thuiskomt en dat moet een geheimpje blijven,’ zegt Sandra op fluitertoon.

Dan al gaat de kamerdeur open. Ansje schrikt; ze besluit haar mondje over het feest nu verder stijf te houden. Ze heeft hard geoefend voor haar aandeel in het feest. De melodie van de dans danst door haar gedachten. Daarom is het moeilijk, maar ze zal niks verklappen. Nog één nachtje volhouden dan is het feest.

Gelukkig is het Aisja die binnen komt: ‘Je moet hier maar even mee-eten Ansje, want je moeder en Fatima zitten nog steeds in de vergadering.’

Dan gaat de bel met het muziekje weer. Het is Sita die Daniëlle komt ophalen; pakt haar spullen bij elkaar in een vuilniszak; een beetje primitief, maar het voldoet.

‘Daniëlle, ga je nu al weg?’ vraagt Ansje.

‘Nee Ansje, niet echt ik ga alleen bij Sita slapen, omdat Fatima nog meer slapers krijgt.’

Daniëlle neemt snel afscheid en vertrekt. Ansje en Coen helpen met het dekken van de tafel. Frits komt de kamer binnen. Het wordt een feestelijke tafel, want er staat rijsttafel op het menu. Iedereen vindt het jammer, dat Fatima er niet bij kan zijn. Deze maaltijd was eigenlijk voor haar bedoeld...

Torenkamer

De zon gaat onder over de stad. Daniëlle kijkt samen met Sita uit over de stad. De besneeuwde daken kleuren oranje nu de zon achter een wolkenband wegglijdt naar de horizon. De schapenwolkjes daarboven kleuren van oranje tot roze hoog in de lucht. Als ze een pasje verstapt kraken de houten vloerplanken van ouderdom.

Daniëlle laat zich dit moment van geluk niet ontnemen, door de sombere gedachten in de diepte van haar brein. Ze probeert het moment te laten zijn. Het is zo'n moment van zwijgen. Ze voelt de hand van Sita op haar schouder. Het is vertrouwd en veilig. Ze heeft in een korte tijd veel mensen ontmoet; allemaal zorgzaam en vol aandacht voor haar.

‘We noemen dit de torenkamer,’ zo onderbreekt Sita het zwijgen en ze gaat verder met: ‘Het was vroeger een bankgebouw. Deze toren moest toen de status van het gebouw verhogen. Je moet straks even helpen die stapel dozen naar de zolder brengen, want we zitten nog midden in de verhuizing.’

‘Natuurlijk!’ zegt Daniëlle: ‘Je hebt hier een fantastische uitzicht.’

Sita reageert met: ‘Helaas is het een beetje een klim, maar dit wordt voorlopig jouw kamer.’

‘Een echt hemelbed; ik voel me als een prinses in een kasteel,’ reageert Daniëlle opgewekt.

‘Ja we hebben de kamer in stijl ingericht alleen de openhaard is nep. Het is een soort gaskachel,’ zegt Sita. Ze draait aan een knop.

De blauwe vlammetjes achter de gietijzeren deurtjes beginnen te dansen. Even later gloeien de uit keramiek gevormde houtblokken. Buiten begint het nu te schemeren. De eerste sterren fonkelen in het blauwzwart boven de paarse schapenwolkjes. Dicht bij de horizon vormen de wolken nog alle kleuren van de regenboog. De stad beneden kleurt in het neonlicht van de reclame. Hier en daar stijgen gekleurde rookwolkjes op. De kantoortorens in de verte baden in het licht...

Beneden heeft Annie de ronde tafel al feestelijk gedekt. Er zijn drie plaatsen. De kaarsen zijn al aangestoken.

‘Ik hoop - Daniëlle - dat je al honger hebt!’ beweert Annie met een verborgen vraag.

‘Echt; ik rammel,’ zegt Daniëlle.

‘Schuif maar aan, we hebben hier geen vaste plaatsen,’ zegt Sita.

De kip-curry maaltijd smaakt; Daniëlle smult; ondertussen laat ze haar ogen door het vertrek gaan. Ook dit vertrek is antiek ingericht. Veel meubels hebben een Oosterse sfeer. Er staan grote boekenkasten met veel boeken. De kleine ramen, waarvan de gordijnen niet gesloten zijn, echter zijn voorzien van gietijzeren tralies.

Ze wacht even te haar mond leeg is: ‘Hoe lang wonen jullie hier?’ vraagt ze als aanzet tot een gesprek.

Annie kijkt Sita eerst even aan en antwoordt dan: ‘Nu net een paar maand.’

‘Nou ja; we hadden een lage flat met een fantastisch dakterras; heerlijk vrij; maar de buurt veranderde en werd langzaam vijandig ten opzichte van het naturisme,’ voegt Sita er aan toe. Vervolgens neemt ze haar volgende hap.

Nadat ze haar mond leeggegeten heeft, vult Annie het verhaal aan met: ‘We hadden in onze flat een slaapkamer omgebouwd tot sauna. Daarom hadden we regelmatig bezoek van buren en verre buren die graag een saunaatje wilde mee pakken. Zo ontstond er een heel tolerante sfeer. We hebben die jaren echt genoten. Het was toen de enige nieuwbouwwijk, dus je zat vlak bij de bossen. Later is er van het buitengebied als meer afgeknabbeld voor steeds weer nieuwe wijken.’

‘Dit smaakt verrukkelijk,’ zegt Daniëlle. Ze zit vol met vragen, maar ze weet niet goed hoe ze deze vragen goed kan verwoorden: ‘En toen kwam ons soort mensen er wonen,’ stelt ze.

‘Bedankt Daniëlle, maar het is beter voor je veiligheid dat we je echte naam niet weten,’ waarschuwt Sita promt.

Als haar mond leeg is nipt Annie aan haar wijn en pakt ze de draad weer op met: ‘Ja, toen kwamen er mensen vanuit een preutsere cultuur wonen. En daarmee begonnen de problemen. Eerst werden we alleen maar gepest. Ondertussen verhuisden onze vrienden en kennissen. Later kwamen er klachten bij de woningbouwvereniging. Het werd ons dringend aangeraden meer vitrage op te hangen de sauna niet meer te gebruiken; ook bemoeide de wijkraad zich er tegenaan. Toen het echt spannend werd en de woningbouw ons dreigde uit te zetten, hebben we het er niet bij laten zitten en zijn we zelf naar de rechter gestapt. Helaas hebben we uiteindelijk verloren en zijn we toen als asociale bewoners bijna uit ons huis gezet.’

Het verhaal raakt Daniëlle ‘En verder?’ vraagt ze. Dan neemt ze een slok druivensap.

‘Dick kon ons net op tijd helpen met dit appartement,’ gaat Annie verder.

‘Dat is een naar verhaal,’ zegt Daniëlle.

“Aan de andere kant is dit volgens ons het mooiste appartement in ‘het Vrijheidskwartier’ en wij genieten van de antieke sfeer,” zegt Annie.

De tafelconversatie gaat verder over allerlei aspecten van het nudisme en het naturisme. Ondertussen vordert de maaltijd gestaag. In de verte klinkt zo nu en dan een sirene. Het is nog steeds niet rustig in de stad. Ze zijn inmiddels aan de toetjes toe. Annie komt binnen met een blad met driemaal ‘Banana royaal’ en een kan met warme chocoladesaus.

Daniëlle volgt de anderen door wat saus bij haar ijsschotel te gieten. Ze neemt het eerste hapje waar saus en ijs elkaar ontmoeten; totaal verrast; smult. Even is er geen conversatie. Er klinkt slechts het klingelen van de metalen lepeltjes tegen de ovale, kristallen schotels. In de verte klinken knallen.

Sita doorbreekt de stilte met: ‘We aten dit vaak als we uit eten gingen, maar niemand wist hoe je het moest maken. Sinds kort heeft Annie het door.’

‘Het smaakt fantastisch,’ zegt Daniëlle.

‘Annie is onze keukenprinses,’ vult Sita aan.

‘Nou jij kan er ook wat van,’ zo speelt Annie de bal terug...

Eindeloos lang vergaderen

De vergadering van de wijkraad duurt Fatima veel te lang. Het is voornamelijk een mannengezelschap en dus ook een mannelijke manier van vergaderen. Dat betekent dat deze vergadering uitloopt door eindeloos gezeur. Het is om bij in slaap te vallen. Aan de andere kant waardeert Fatima het, dat Dick vindt dat ze zijn positie mag overnemen. Nu zit hij er in verband met de overdracht nog bij, de volgende keer zit ze hier alleen namens het bedrijf - als vertegenwoordiger van de ondernemingsraad. Marianne vertegenwoordigd de bewonersraad. Zij is nog niet zo lang geleden gekozen. Voorheen was het echt een mannenbolwerk.

Imam Hassan zit tegenover Fatima. Naast hem zit de burgemeester, die door de bijzondere omstandigheden deze vergadering bijwoont. Daarnaast zit weer de stadsdeelvoorzitter. Zo zijn er nog een aantal prominenten uitgenodigd. Dat geldt ook voor de wijkagent, de dominee, de pastoor en een conservatieve imam met de naam Ali. De laatste is eveneens net nieuw, want zijn voorganger is het land uit gezet. Hij heeft zijn eigen tolk meegenomen, daar hij nog in de inburgering zit. Deze tolk is tevens voorzitter van moskeevereniging, welke combinatie van taken voor veel verwarring zorgt.

Als het aan Imam Ali ligt wordt de wijk door middel van muren verdeelt in getto's, zoals dat gebruikelijk was in de middeleeuwen. Hij heeft er dus niets van begrepen. Fatima vermoedt, dat zijn uitspraken mede verantwoordelijk zijn voor de rellen. Sinds hij preekt, zijn het aantal chadors en burqa's in de wijk in rap tempo toegenomen en daartegenover de acties van BruinRechts. Gelukkig zijn de rellen nu nagenoeg gesmoord. Voor haar feest hoeft Fatima niet te vrezen, alle gasten kunnen komen. Fatima verlangt naar het feest van morgen; het moment dat ze haar aan sluiting bij ‘de Vlinders’ naar buiten uitdraagt.

Marianne probeert rustig en beheerst over te komen. Maar ze legt wel de vinger op de zere plek met: ‘Voorzitter; mag ik eindelijk even het woord! Dat ik geen hand kreeg, kan me niet schelen; ieder zijn eigen gewoonten. Ik ben opgevoed met ruimte geven aan de ander zonder, daarbij jezelf weg te cijferen. Ik noem dat tolerantie. Ik krijg bij imam Ali alleen maar het gevoel dat je plaats moet weten. Er is een soort vaste rangorde, als in een wolven roedel, waarin ik als vrouw en ongelovige geheel genegeerd kan worden. Ik krijg gewoon geen antwoord op mijn vragen! Ik wil nu een rechtstreeks antwoord. Nu eis ik dat serieuze antwoord,’ zegt ze om een algemene sfeer te doorbreken.

Imam Ali staat op en loopt gevolgd door zijn tolk weg. Het kost de burgemeester veel overredingskracht om hem van zijn schrede terug te doen keren. Er volgt een korte schorsing. Inmiddels hangt er nu helemaal een sfeer om op te schieten. Er wordt nogmaals koffie geschonken. Iedereen praat met zijn eigen groep...

Op de ochtend van de grote dag

Fatima rekt zich uit tussen de zachte lakens. Ze strelen haar naakte huid. De wekker is zojuist afgegaan. Vandaag is haar grote dag. Het is haar niet helemaal ontgaan, dat velen zich hebben uitgesloofd om van haar feest echt iets te maken. Ze is dus razend nieuwsgierig naar deze dag. Daarom was ze al wakker, voor de wekker afging. Toch heeft ze redelijk goed geslapen. Ze schakelt het licht aan door aan een touwtje te trekken. De trekschakelaar klikt en het licht floept aan. Het felle licht doet haar ogen knipperen. Ze gaapt en rekt zich nogmaals uit. Dan laat ze haar benen onder het dekbed uitglijden en staat op.

Beneden schakelt Fatima een schemerlamp en de Kerstboom aan. Dan schuift ze het gordijn voor de spiegelwand wijd open. Ze plaats haar rechter voet op de bar; het onderbeen bijna verticaal. Even valt haar blik op haar vers gelakte teennagels; er is een gevoel van tevredenheid over het resultaat. Met een stevige siddering op haar bovenbeen zet ze het rechter heupgebied in trilling. Zelfs haar buik schudt losjes mee. Gelijktijdig strekt ze haar kruis, door iets naar voren te bewegen. Dan laat ze de strekspanning weer langzaam glijden, in een minimale achterwaartse beweging. Dit herhaalt ze tot haar rechterarm echt moe is van de siddering. Dus verwisselt ze beide benen. Haar linkervoet staat nu op de bar. Haar linkerhand siddert nu het bijbehorend bovenbeen los. Ook varieert ze deze strekking weer, door een weinig voor- en achterwaarts te bewegen. Terug naar het rechter bovenbeen herhaalt ze de cyclus een aantal keren. Tussendoor maakt ze wat dynamische hurkhoudingen om haar lijf wat op te warmen. Ondertussen kijkt ze met plezier naar de vormen van haar lijf in het zachte licht. Vervolgens zwaait ze haar rechterbeen zijwaarts op. Ze legt het been met de binnenkant languit op de hoogste bar. Dan siddert ze het bovenbeen nu aan de buitenkant. Ze draait haar hand zodanig, dat het vlees als het ware met de met de bar meedraait, als je de bar als een as ziet. Het geeft een bevrijdend gevoel als alles lekker los trilt.

De deur kraakt; de blonde gestalte van Sandra komt via de spiegel binnen. Fatima draait zich om en zegt: ‘Goede morgen Sandra.’

‘Goeie morgen Fatima, je bent me weer te vroeg af,’ zegt Sandra losjes.

Fatima is nieuwsgierig en vraagt daarom: ‘Hoe zo?’

Sandra laat haar teleurstelling niet echt merken met: ‘Oh, ik had je op deze speciale dag willen verrassen,’ zegt ze nuchter.

‘Ik vindt het zo heerlijk, dat je er vandaag bij bent. Kom Sandra ik wil je tegen me aan voelen,’ ze spreidt haar armen uitnodigend uit.

Er volgt zo'n moment van nabijheid; heerlijk lijf tegen lijf. Fatima drukt Sandra zachtjes tegen zich aan. Ze sluit haar ogen om beter te voelen. Een moment van zijn; ze is gelukkig als ze zegt: ‘Sandra, dit doet me echt goed.’

Even later staat Sandra naast Fatima aan de bar. Ze laten elkaar verschillende oefeningen zien. Sandra toont Fatima een aantal klassieke vormen uit het ballet. Dan komt Sandra terug op het sidderen. Ze heeft inmiddels ervaren, dat het niet zo eenvoudig is aan te leren. Fatima laat nog eens zien hoe je het op je eigen bovenbeen kunt aanleren. Ze legt, uit dat je gewoon elke dag moet oefenen en dat je dat dan zeker een paar maand moet volhouden. Als Sandra dan de oefeningen op de bar maakt, helpt Fatima met het sidderen, zodat Sandra kan voelen wat de bedoeling is.

De wind die plotseling langs de muren giert vraagt weer aandacht. Beide dames lopen naar het buitenraam. Het sneeuwt weer heftig. De lantaarn aan de overkant is in de sneeuwstorm nauwelijks zichtbaar. Vlak voor het raam dansen grote sneeuwvlokken.

‘Ik hoop dat het winterweer voorlopig blijft, dan is de kans groot, dat die de rellen verder uitblijven,’ zegt Fatima.

‘Fatima, die rellen zitten je dwars hè?’ vraagt Sandra zorgelijk.

Fatima begint de schouders van Sandra te masseren. Ze tracht de woede die achter haar antwoord zit te verbergen. Zo ontstaat er een diepe verticale, V-vormige vore in haar voorhoofd als ze zegt: ‘Ja er is een nieuwe conservatieve imam, die de hele buurt opstookt. Zo eentje die dames geen antwoord geeft als ze niet de juiste kleding dragen.’

‘Laat die gek maar voor wat hij is. Vandaag wordt een feestelijke dag; jouw feest,’ zegt Sandra.

Fatima kijkt ondertussen naar de spiegeling van de kerstboom in de ruit en antwoordt: lsquo;Je hebt gelijk... Wat doet die engel het goed op de top van de boom? Hoe kom je daar aan?’

Sandra voelt hoe haar schouders zich door de massage ontspannen als ze antwoord geeft: ‘Uit die dozen van de rommelmarkt. Je hebt je daarmee zeker geen kat in de zak gekocht. Er zat ook nog een piek in, maar Ansje koos die engel.’

De vingers van Fatima maken nu losse verticale rolletjes: ‘Ik kan soms minuten lang naar die dansende sneeuwvlokken kijken,’ zegt ze onder de indruk van het spel aan de andere kant van de ruit.

‘Dat voel goed, zeg,’ zegt Sandra zachtjes.

Fatima gaat wat dichter tegen Sandra aan staan en zegt: ‘Ja, Sita vindt dat we elkaar beter moeten leren aanraken.’

‘Welke Sita bedoel je?’ vraagt Sandra bewust naar de bekende weg. Ze wil niet verraden, dat ze veel meer over het feest van vandaag weet.

Fatima maakt met haar duimen de nek van Sandra los als ze antwoord geeft: ‘‘Dat is mijn yoga yogadocente en soms ook lesasistente. Ze geeft hier eens per week samen met een aantal lesassistenten een routineles haptoyoga.’

‘Dat lesgeven met meer mensen, wordt dat geen heksenketel?’ vraagt Sandra.

Fatima gaat gewoon door met haar massage handelingen als ze antwoordt met: ‘Nee, ze gebruiken gebarentaal en wij liggen met de ogen dicht.’

‘Je maakt me nieuwsgierig. Is dat de zelfde tantrische aanpak die in dat boek staat dat Frits heeft laten zien; ofwel die vorm waarin strelen zo'n belangrijke rol speelt?’ vraagt Sandra verder.

‘Ja Sandra, je zit goed,’ antwoord Fatima.

‘Zou ik daar aan mee kunnen doen?’ vraagt Sandra.

‘Buiten de vaste deelnemers is het een open instuif. Het is nu met al die vakantiegangers vrij druk. Dus als je vroeg aanwezig bent heb je een kans. Ik kan ook mijn plaats afstaan en meedoen als lesassistent.’ antwoordt Fatima.

‘Ik wil eigenlijk niet dat je j' steeds voor mij opoffert,’ zegt Sandra met nadruk in haar stem.

‘Maak je niet druk meid; ik krijg dan een vervangende les op een ander tijdstip.’