Kerstfeest en kerkklokken

(Vrijheidskwartier vervolg - roman...)

Fatima wordt wakker van de bengelende kerkklokken. Het is al licht; ze heeft een gat in de morgen geslapen, want ze is gisteren met Sandra naar de nachtdienst geweest. Ze voelt; Sandra ligt niet naast haar. Ze rekt zich uit; de zachte lakens strelen haar naakte huid. Enerzijds wil ze zich nog een keer omdraaien, anderzijds is er iets in haar dat de uitdaging van de dag aanwil. Haar inwijding in ‘de Vlinders’ is inmiddels al weer een ruime week geleden. Toch voelt het allemaal nog steeds een beetje als een droom; eerst dat inwijdingfeest en dan een deel tantraweekend en de begeleiding van de orgasme cursus. Ergens is ze bang dat ze straks echt wakker wordt en dat dan de verzoening met haar ouders een farce blijkt te zijn. Ze knijpt in haar arm en rekt zich nog eens uit. Het is nu echt tijd om op te staan. Buiten wordt het klokgelui aangevuld, met dat van een andere kerk verder weg. Opstaan kost soms moeite.

Dan kraakt de deur en komt Sandra binnen met een groot blad waarop een volledig ontbeid is uitgestald: ‘Goedemorgen Fatima, ik heb hier 'n ontbeid om van te genieten.’

Fatima rekt zich nogmaals uit en zegt gelijktijdig: ‘Wat geweldig Sandra; goedemorgen!’

‘Hoe voel je j' vanmorgen; ben je de zandkorrel van Klaas Vaak al wat kwijt?’ vraagt Sandra als Fatima rechtop in de kussens zit.

Fatima gaapt en antwoordt dan: ‘Nou het ziet er naar uit, dat ik die helemaal niet kwijt kan raken. Sinds de verzoening met mijn ouders lijkt het allemaal één grote droom. Ben jij wel echt; hoe komt het dat ik het zo niet koud heb?’

‘Slaapkopje, ik heb al bijna twee uur geleden de verwarming in de slaapkamer omhoog gezet. Verder kan ik wel in je arm knijpen, maar ik denk dat 't niet echt helpt,’ zegt Sandra.

Fatima begint het eitje te pellen en zegt: ‘Het begint weer te sneeuwen.’

Sandra schuift een stoel bij en reageert met: ‘Dit is verrukkelijk saunaweer. We hebben in geen jaren zo'n winter gehad.’

‘Het is ook sinds jaren een echte witte kerst,’ zegt Fatima. Dan neemt ze weer 'n schep uit haar eitje.

‘Hoe was trouwens dat tantraweekend?’ Vraagt Sandra: ‘Ik heb j' er nog niet over gehoord!’

Fatima glimlacht en zegt: ‘Het was overrompelend maar verrukkelijk!’ Dan verschijnt er even een verticaal rimpeltje tussen haar wenkbrauwen.

Sandra vraagt door met ‘Maar heb je dan geen spierpijn?’

‘Nauwelijks, maar...’ Fatima aarzelt even: ‘Heb ik je dan niet in de steek gelaten door je dat weekend bijna alleen te laten?’

‘Nee, echt niet; dat moet je niet denken!’ zegt Sandra met enige nadruk in haar stem. Ze gaat op gewone toon verder met: “Er is hier in ‘het Vrijheidskwartier’ van alles te doen. Ik heb me geen moment verveeld. Bovendien is het hier net als op een camping. Zodra de mensen door hebben dat je alleen bent, wordt je her-en-der uitgenodigd. Ik heb niet eens de kans gehad om voor mezelf te koken! Maar hoe was het uitstapje naar die orgasme cursus?”

‘Leuk en interessant; ik vind het helemaal niet erg dat ik een deel van het tantraweekend heb gemist. Het was een leuke groep. En dat ik ook nog Tineke daar moet treffen,’ antwoord Fatima.

‘Ja, door met die gasten te komen gaf je me geen gelegenheid om die imam van jouw eens te leren kennen zonder dat jij er met je neus bovenop zat!’ zegt Sandra.

‘Sandra, vindt je dat echt erg?’

‘Nee, er komt nog wel eens een kans neem ik aan.’ Dan verschuift Sandra het thema met: ‘Fatima, wat heb jij met kerst?’

Het voorhoofd van Fatima toont dat ze moeite heeft met deze vraag: “Jij bent goed in moeilijke vragen. Het zit niet in mijn traditie. Dus niet zoveel; ik heb veel meer met de mensen die een feest vieren. Aan de andere kant heb ik er niets op tegen om vandaag te vieren. Het nudisme heeft me veranderd. De kern van mijn geloof is universeler geworden; denk ik... Ik zou mezelf de vraag moeten stellen: ‘Wat heb ik nog met het suikerfeest.’ Ik heb het suikerfeest gevierd bij goede vrienden en ik hoop het volgend jaar het bij mijn ouders te vieren. En hoe staat het met de christen in Sandra?” ondertussen lepelt ze gestaag haar eitje leeg.

‘Nou ... die staat in een klein hoekje van mijn bewustzijn. Als je het bewustzijn vergelijkt met een huis, dan is dat een hoekje op zolder,’ reageert Sandra op de geretourneerde vraag.

Fatima geeft zichzelf even de tijd om haar mond leeg te eten en zegt dan: “Imam Hassan zegt altijd: ‘Dat je bij geloof moet kijken naar wat je echte overtuiging is.’ Dan moet je dus diep naar je zelf kijken. Als je vandaar uit sterk staat kun je best in andere tradities mee vieren,” zo probeert ze de discussie te verdiepen.

De klokken zwijgen; Sandra weet even niet wat ze moet zeggen dus geeft ze ruimte aan de stilte. Soms giert de wind nauwelijks hoorbaar langs de ruiten. Verder is het voor een stad nog bijzonder stil. De stilte van kerstmorgen. Fatima verstoort deze stilte doordat ze een notenbroodje pakt; het bordje klingelt bij de aanraking door een mes. Ze besmeert het met boter een belegd het met kaas. Dan volgt de eerste hap.

Sandra verheugt zich met het genieten van haar vriendin. Er ligt een glimlach op haar gezicht. Het is zo'n moment van zijn, waarin de stilte het gemoed beroert.

‘Er zijn zo van die preken waar ik niks mee kan. Dan heb ik het gevoel dat ik geen gewoon geen Christen ben. Om erbij te horen moet ik dan mijn geweten geweld aan doen!’ zegt Sandra plotseling.

‘Juist dat zijn van die momenten dat ik diep in mezelf moet kijk naar wat echt is. Wat dan goed voelt is mijn benadering van de waarheid... De letterlijke tekst is er voor hen die het mystieke inzicht missen,’ antwoord Fatima.

‘Misschien laat ik me teveel meeslepen door de ideeën van anderen die op mij afkomen. Een goed voorbeeld is die reportage. Ik kan die paparazzo die dergelijke opnamen heeft gemaakt wel wurgen. Toen Ansje die foto's wilde opplakken zat ik echt in een tweestrijd. Je kunt dat kind toch niet afvallen? Aan de andere kant ben je woest van binnen,’ lucht Sandra haar hart.

Het voorhoofd van Fatima vertoont een diepe verticale rimpel als Fatima daarop reageert met: ‘Ik vindt dat je dat fantastisch hebt opgelost. Sandra meid; je mag trots op jezelf zijn!’

Na een korte stilte zegt Sandra: ‘Het liefst ben je heel onopvallend en heel gewoon; gewoon huisje, boompje beestje, weetje wel?’

‘Dat pulpblad heeft je wel achter de rietmatten vandaan gesleurd!’ zegt Fatima.

‘Dat geldt trouwens ook voor jou!’ voegt Sandra er aan toe.

‘Wat doe je als straks een journalist van een concurrerend pulpblad aan de telefoon hangt?’ zo daagt Fatima Sandra uit.

‘Dat is een goede vraag,’ zegt Sandra.

Zo verdiept de discussie tussen Fatima en Sandra. Ondertussen vordert het ontbeid. Buiten sneeuwt het nu heel intens. De ruit plakt helemaal dicht met sneeuw. Ergens in de verte bengelen weer kerkklokken; waarschijnlijk de aankondiging van een kerkdienst.

‘Ik vergeet bijna wat. Je vader heeft gebeld. Hij zou graag vanmiddag met ons naar de sauna gaan,’ zegt Sandra.

‘Wat geweldig! ... Dat lijkt me leuk!’ reageert Fatima spontaan en ze gaat verder met: ‘Dan moet ik nu toch echt opstaan.’

Blootlopers in een iglodorp

De lage winterzon schijnt tussen de wolken door. In de verte hangt de sneeuwbui van zonet. Er dwarrelen nog een grote sneeuwvlokken naar beneden. Dampende saunagangers kijken naar een groepje kinderen die ijverig bouwen aan een iglo. Het is niet de eerste iglo die ontstaat in de tuin van ‘Sauna Royaal’ er ontstaat een heel dorp.

Een ander groepje kinderen houdt een sneeuwballengevecht. Ze zijn allemaal bloot; anders zou het niet eerlijk zijn. De grote slappe sneeuwballen vliegen over en weer; lachbuien; melige stemming.

Fatima kijkt naar haar vader: ‘En ... hoe was het paps?’ vraagt ze in het Arabisch.

Ibrahim kijkt in een flits naar zijn dochter. De kou versterkt haar schoonheid. De grote tepels staan als torentje op de strakke borsten. Even is er die gedachte dat je zo niet mag kijken. Dan antwoordt hij in de zelfde taal: ‘Goed ... gek, dat ik het niet echt koud heb. Die kinderen genieten echt van de sneeuw. Wonderlijk dat ze dat in hun blootje zolang volhouden.’

‘Je moet dan wel laarzen en handschoenen aantrekken. Bovendien gaan ze regelmatig opwarmen in het bubbelbad,’ geeft Fatima aan.

‘Ik herinner me weer toen jij voor het eerst sneeuw zag. We hadden toen een allemaal een broertje dood aan kou. Dat is helemaal goed gekomen, moet ik constateren.’ zegt Ibrahim.

Fatima reageert daarop met: ‘Sandra heeft daar bij mij een belangrijke rol in gespeelt.

‘Het is niet goed dat ik jullie uit elkaar heb gehaald,’ geeft Ibrahim aan.

‘Het geeft...’

‘Pats,’

Fatima krijgt een sneeuwbal op haar bovenbeen. Het is Ansje die aandacht vraagt. Fatima maakt eerst haar antwoord af: ‘Het geeft niet paps, het is per slot van rekening allemaal goed gekomen.’

‘Van juf Mieke moeten wij Nederlands praten! Ik mag vanavond in die iglo slapen,’ zegt Ansje en ze wijst gelijktijdig een grote iglo aan, die al geheel bedekt is met een laag verse sneeuw.

‘Zo in je blootje?’ vraagt Ibrahim in zijn beste Nederlands.

‘Nee tuurlijk niet. Met twee pyjama's en daar over een trainingspak; in drie slaapzakken over elkaar,’ antwoordt Ansje vol vuur.

‘Dat is leuk!’ zegt Fatima haar toch al hoge stem gaat nog meer in de hoogte.

Ze gaan naar binnen, want de kou begint de warmte van de saunacabine te verdrijven. Ansje loopt mee naar binnen. In de rustruimte zoeken ze een plaatsje bij het raam. Even later zitten ze gedrieën achter een kom vegetarische snert. Buiten valt de volgende sneeuwbui. grote witte vlokken dwarrelen naar beneden. De grote jongens en meisjes - dik ingepakt - vullen oranje hobbyboxen met sneeuw. Dan stampen ze de sneeuw in zo'n box stevig aan. Vervolgens wordt zo'n hobbybox naar binnen gebracht om enigszins te smelten.

Er worden hobbyboxen naar buiten gebracht en omgekeerd op grijze vuilniszakken. Deze vormen de voorraad voor de bouwers. Eén van die bouwers is Coen de broer van Ansje.